Titerbepaling

Wij krijgen regelmatig de vraag of het mogelijk is om bij ons een titer te laten bepalen. Titerbepalingen zijn in de wetenschap steeds meer in opkomst; hiermee wordt in het bloed gekeken hoeveel antistoffen een dier tegen een bepaalde ziekte heeft.
Op dit moment voeren wij geen titerbepalingen uit op de praktijk. 

Het principe klinkt natuurlijk heel mooi: op het moment dat een dier nog antistoffen heeft, hoef je deze niet aan te sporen om extra antistoffen te maken, echter is het in de praktijk helemaal niet zo simpel.

Een titerbepaling houdt in dat de hoeveelheid afweerstoffen van een dier gemeten wordt in het bloed. Het bloed is eigenlijk helemaal geen goede meter voor hoe de afweer van een dier is. De afweerstoffen en zeker die voor de lange termijn zitten in het lymfesysteem. Eigenlijk zien we alleen in de lymfecellen hoeveel afweer een dier echt heeft, maar in het lymfesysteem kunnen we geen metingen doen.

Om deze reden wordt er ook wettelijk steeds minder gebruik van gemaakt. Vroeger moest je om bepaalde landen in of uit te mogen reizen een hondsdolheidtiter laten bepalen. Omdat we nu weten dat het bloed helemaal niet zo goed laat zien of een dier voldoende bescherming heeft zijn er steeds minder landen die deze eis stellen.

Een titerbepaling geeft dus een waarde aan die niet helemaal betrouwbaar is. Op basis van deze waarde wordt aan ons gevraagd om een dier voor 3, 5 of soms wel 10 jaar “goed” te keuren en dus aan u door te geven dat uw dier voldoende beschermd is / geen vaccinatie nodig heeft. Daarmee wordt dus gezegd dat uw dier de komende 3, 5 of 10 jaar een bepaalde ziekte niet krijgt. Dat kunnen we op basis van deze test dus eigenlijk niet betrouwbaar genoeg vaststellen. 

In het huidige vaccinatieschema (zie voor uitleg de informatiepagina over vaccinaties) is al rekening gehouden met niet “te veel” vaccineren. Zo weten we dat de enting voor de ziekte van Weil écht maximaal 1 jaar bescherming geeft, dus deze enting moeten we sowieso jaarlijks herhalen en deze wordt dan ook niet meegenomen bij een titerbepaling. De enting voor parvo, hepatitis en hondenziekte geeft 3 jaar bescherming en deze geven we deze dus ook maar eens in de 3 jaar. Dit is vroeger uitgebreid onderzocht door dieren eerst een vaccinatie te geven en daarna regelmatig bloot te stellen aan ziekteverwekkers om te kijken wanneer ze er weer ziek van werden en de bescherming van de vaccinatie dus uitgewerkt was. 

Dit is natuurlijk niet de meest “vriendelijke” manier van testen, dus u kunt zich voorstellen dat de nieuwe titerbepalingen ook niet op deze manier zijn getest. Voor de resultaten die uit een titerbepaling kunnen komen zijn dus ook heel weinig bewijzen.

Kortom: de bloedmeting laat niet goed zien hoe goed een dier écht beschermd is en de uitkomst van deze test is ook nog lastig/niet om te zetten in een advies. Voor ons is dat de reden om geen titerbepalingen aan te bieden.